Van verzorgingsstaat naar participatiestaat naar ‘circulaire inclusieve leefomgeving’
De Nederlandse samenleving is verschoven van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving, waarin van burgers wordt verwacht dat zij meer zelf regelen en actiever meedoen. Dat biedt kansen: mensen kunnen vaker eigen keuzes maken en oplossingen kunnen beter aansluiten op verschillende behoeften. Tegelijkertijd zijn in dit transformatieproces ook risico’s scherper zichtbaar geworden, zeker in het licht van de plannen van het nieuwe kabinet (2026). Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) waarschuwt dat het kabinet te weinig oog heeft voor mensen in een kwetsbare positie en dat de plannen kwetsbare groepen harder kunnen raken, met een risico op groeiende ongelijkheid. Het beleid gaat er vaak van uit dat mensen veel zelf kunnen, terwijl niet iedereen daartoe in staat is. Bovendien beschikt niet iedereen over een sociaal vangnet. Daardoor dreigen juist mensen die zorg en ondersteuning nodig hebben tussen wal en schip te raken. In die context is het ontwikkelen van empathie, kennis en begrip rond dementie van groot belang. Alleen met een betrokken gemeenschap kunnen we de groeiende groep mensen met dementie en hun naasten ondersteunen, zodat zij langer thuis kunnen blijven wonen en mee kunnen blijven doen. Gelukkig zijn er de laatste tijd veel positieve initiatieven ontstaan die hiervoor aandacht vragen. Kortom: we zouden met elkaar verantwoordelijkheid moeten dragen voor elkaar.
Doel van het project ‘dementievriendelijk’
Het project Dementievriendelijk bouwt voort op bestaande netwerken van formele en informele zorg en welzijn. Samen met bewoners, organisaties en ondernemers ontwikkelen en realiseren we innovatieve en duurzame ideeën en interventies, met als primair doel het fysieke én sociale domein in de omliggende wijken dementievriendelijker te maken. We kiezen daarbij voor een brede, inclusieve benadering: maatregelen die het leven met dementie ondersteunen, maken de wijk vaak óók toegankelijker voor mensen met een visuele beperking en voor mensen met een mobiliteitsbeperking (bijvoorbeeld bij gebruik van rollator, rolstoel of bij beperkte balans). Buurthuizen en ontmoetingsplekken spelen hierin een belangrijke rol. Zij zijn voor veel bewoners een vertrouwde plek: laagdrempelig, herkenbaar en dichtbij. We werken aan een wijk:
– Waarin mensen met dementie en hun naasten zich welkom en veilig voelen
– Waarin men ondersteuning kan vragen én krijgen, zonder drempels
– Waarin mensen langer thuis kunnen blijven wonen en deelnemen aan het dagelijks leven
– Waarin buurthuizen en ontmoetingsplekken fungeren als informatiepunt, rustpunt en verbinding met de buurt
Motieven en achtergronden
In verschillende buurten in Nederland zijn buurthuizen en ontmoetingsplekken al jarenlang vertrouwde plekken waar mensen elkaar ontmoeten, activiteiten organiseren en steun vinden. Dankzij publieksactiviteiten, samenwerking met wijkpartners en de betrokkenheid van bewoners is dementie in de wijk de afgelopen jaren steeds zichtbaarder én beter bespreekbaar geworden. Buurtbewoners, bezoekers, mantelzorgers en lokale ondernemers zijn regelmatig gevraagd om mee te denken over wat een wijk dementievriendelijk maakt. De inzichten en ideeën die daaruit voortkwamen, blijken nog altijd relevant en vormen een belangrijke inspiratiebron voor dit project. Buurthuizen en ontmoetingsplekken kunnen hierin een heel praktische rol vervullen. Ze kunnen fungeren als herkenbaar steunpunt waar iemand even kan binnenlopen, als veilige plek om te wachten op een familielid of begeleider, als schakel naar passende hulp (zoals vrijwilligers, welzijnswerk of wijkteams) én als locatie voor voorlichting en korte trainingen voor bewoners en ondernemers. In de loop van de jaren hebben we ideeën verzameld voor een dementievriendelijke wijk; dat leverde de volgende suggesties op, die nog steeds actueel zijn:
– Respecteer de privacy van betrokkene. Altijd eerst vragen of je iets kan doen!
– Buren op de hoogte stellen van de situatie
– Burennetwerken versterken
– Samen boodschappen doen, wandelen of naar een museum gaan
– Een oogje in het zeil houden
– Vignet op de winkeldeur met ‘dementievriendelijk’
– Voorlichting aan en workshops voor winkeliers, in samenwerking met samendementievriendelijk
– Optimale inzet (e)domotica-gps-mogelijkheden
– Voorlichting op scholen (basis- en voortgezet onderwijs)
– Slow kassa’s in supermarkten: een kassa voor langzaam betalen.
– Snappen wat er speelt, ‘gewoon’ durven vertellen. Je kunt makkelijker naar de bakker als hij het snapt en hij weet wat je kunt doen om te helpen
– Meer ontmoetingsplekken nodig
– Bewegwijzering straten en winkels via vignetten, symbolen, geluid, kleuren
– Op straat(verkeer): oriëntatie via objecten, tekst en figuur. Oversteek duidelijk: wanneer is ’t rood of groen?
– Het is handiger als de buren weten dat de buurman/-vrouw dementie heeft
– Geldservice hulpverlening (via banken?)
– Bestrating verbeteren met het oog op losse stoeptegels
– Meer bankjes zó opgesteld dat er makkelijk contact gemaakt wordt
– Openbare stadstuinen voor en door bewoners bijgehouden (stadslandbouwprojecten)
– Communicatie/projecten met jongeren/ school bewerkstelligen
– Rustpunten in de wijk creëren met plattegrond met legenda
– Bibliotheek: eigen hoek, koffie, ontmoetingsplek, leesclubs, etc. Alle afgeschreven boeken en tijdschriften beschikbaar stellen. Je hoeft dan niet te onthouden wanneer het terug moet.
– Mensen met dementie er actief bij betrekken; herken en erken het potentieel aan talent
– Daag het stigma uit en werk aan wederzijds begrip
– Informele- en formele netwerken; belang van samenwerking
– Laagdrempelige activiteiten in de wijken
– Praktische ondersteuning om mensen bij de wijk te betrekken
– Maatschappelijke voorzieningen, ontsluiten van ICT, functionele domotica
– Zorg voor gebruiksvriendelijke ruimtelijke oriëntatie en stabiel en betrouwbaar (openbaar) vervoer
– Dementievriendelijk ondernemen door het MKB en organisaties

